De Spuije laatste nummers

Ons tijdschrift de Spuije verschijnt drie keer per jaar. Hieronder vindt u een kort overzicht van de inhoud van enkele recent verschenen nummers.

 

 

Spuije 101 Zomer 2017

 

Rijkdom op het platteland van Zuid-Beveland in de zeventiende eeuw / Klaasjan Visscher

Strafzaken tegen kinderen in de periode 1810-1850 / G.J. Lepoeter

Expositie kunstkant in het Historisch Museum / Hester van Rees

Boekpresentatie en bijzondere streeksieraden in de vitrines in de Kloostergang van het museum / Hester van Rees

Soldaat Piet Geelhoed van de Irene-brigade / Cees van den Bovenkamp

Boekindruk: Door de ramp getroffen / Jan de Jonge

De geschiedenis van het ambulancevervoer op de Bevelanden/ Frank de Klerk

 

 

Na het verschijnen in full colour van het vorige nummer van de Spuije kregen we daar veel positieve reacties op. Daarom hebben we besloten om vanaf nu de Spuije steeds geheel in kleur te laten drukken. Natuurlijk zullen er nog steeds heel wat zwart/wit afbeeldingen in staan, dat brengt de aard van het materiaal nu eenmaal met zich mee. Maar het geeft ons in ieder geval meer mogelijkheden om een mooi tijdschrift te maken.

Wat de inhoud van deze Spuije betreft beginnen we met een artikel van Klaasjan Visscher. Hij heeft onderzoek gedaan naar de rijkdom van de plattelandsbewoners op Zuid-Beveland in de zeventiende eeuw en hoe die zich in de loop van de tijd ontwikkelde. Bleven degenen die op enig moment zeer welvarend waren dat ook decennina later of kwamen er steeds nieuwe families of personen op? Hadden de rijkste families ook de meeste invloed op bestuurlijk en economisch gebied? Interessante vragen waar Visscher een antwoord op probeert te geven.

Vervolgens kijkt Gerard Lepoeter naar het jeugdstrafrecht in de eerste helft van de negentiende eeuw. Hoe kwam de wetgeving tot stand, wat waren de uitgangspunten, hoe werden de wetten toegepast? Met een aantal aansprekende praktijkvoorbeelden laat Lepoeter zien dat rechters er niet voor terugschrokken om ook jonge kinderen tot gevangenisstraf te veroordelen.

Cees van den Bovenkamp zorgt weer voor een bijdrage over een Bevelander die actief was in de Tweede Wereldoorlog. Deze keer een verhaal over Piet Geelhoed uit Stroodorp, bij Kamperland. Hij was bij het begin van de oorlog gelegerd in de Peel-Raamstelling in Oost-Brabant. Toen die viel trok zijn eenheid naar de Belgische kust en stak over naar Engeland. Daar zou Piet deel uit gaan maken van de Prinses Irene-brigade.

Zoals gebruikelijk hebben we ook weer enkele bijdragen over tentoonstellingen in HMDB. Deze keer schrijft Hester van Rees over kunstkant en klederdrachten.

 

 

 

 

Spuije 100 voorjaar 2017

 

Des Levens Lot / Frits de Kaart

150 jaar Kanaal door Zuid-Beveland / Geri van Ittersum

Een Zeeuwse boer uit 1892 / Hester van Rees

Het Boek der Boeken in alle mogelijke verschijningsvormen / Arend van der Wel

‘Begrepen en gefondeert’; het oprichtingsstatuut van de Kapelse rederijkerskamer De Wijngaartranke / Bram le Clercq

Catharina Margaretha Saaijmans (1763-1849), drie stoplappen en de oorsprong van het vermogen van het echtpaar Vader-Saaijmans / P.J.A. van Voorst Vader

Naar aanleiding van /aanvulling op artikel meestoof De Nijverheid te Kapelle / Adri Haaij

Boekindruk: Boerderijen met hun inwoners in Oost-Zuid-Beveland / Kees van den Bovenkamp

Boekindruk: Naar Zeeland! Schilders van het Zeeuwse landschap / Frank de Klerk

 

Spuije 100 is een bijzonder nummer van ons blad: voor de honderdste keer een uitgave met artikelen over verleden en heden van de Bevelanden. Voor de gelegenheid geheel in kleur. In november 1978 verscheen het eerste nummer van ons blad. De eerste paar jaar één keer per jaar, maar al snel werd dat tweemaal. Naast de Spuije werd in die tijd ook ieder jaar nog het Historisch Jaarboek voor Noord- en Zuid-Beveland uitgegeven. Die situatie heeft geduurd tot en met 1998, toen het laatste jaarboek is verschenen. Sindsdien verschijnt de Spuije drie keer per jaar. Het uiterlijk is in die jaren flink veranderd. We zijn begonnen met een eenvoudig blaadje van 24 pagina’s op A-5 formaat en vanaf nummer 45 werd dat het grotere tijdschrift, zoals we dat nu nog maken, met 32 pagina’s. Weer later is de omvang toegenomen tot de 48 pagina’s die we nu al enkele jaren tot onze beschikking hebben. Voor deze bijzondere uitgave zelfs 64 pagina’s.

Met het noemen van de artikelen komen we bij een groep personen die ons zeer dierbaar is: de auteurs. Ze zijn met velen en zorgen voor een gestage stroom bijdragen over de Bevelandse geschiedenis. Soms dreigt die stroom te slinken tot een een kabbelend beekje, om gelukkig steeds weer aan te zwellen tot een brede rivier. Breed is ook het terrein waarop die auteurs zich in hun bijdragen begeven, zoals onze lezers in de loop der jaren zullen hebben gezien. Dank dus aan allen die door de jaren heen hun aandeel hebben geleverd aan het inzichtelijk maken van het Bevelandse verleden. Blijft u dit vooral doen, we zien de bijdragen met heel veel belangstelling tegemoet.

Eén groep is in dit voorwoord nog niet genoemd: onze lezers. Ook u bent met velen, zowel van de Heemkundige Kring als van de Vrienden van het Museum. De meeste leden wonen op de Bevelanden of elders in Zeeland, maar een verrassend groot aantal ook verderop in het land. Mensen die zich met de Bevelanden verbonden blijven voelen, ook als ze de streek soms al lang hebben verlaten. Mocht u op- of aanmerkingen hebben over de Spuije laat het ons dan weten, we maken het blad tenslotte voor de lezers.

 

 

 

Spuije 99 winter 2016

 

Naar een joods huisje leiden taloze paden / Jan Kouwen

Een bijzonder kleed ... / Hester van Rees

Het paard van Sint-Nicolaas / Hanny Louisse

Over de beschrijving van Reimerswaal door Jacob van Deventer / Adri Mackor

Goes ‘laat’aan de telefoon / Otto Hoogerhuis †

Het Wilhelmus: drie misverstanden / Bram Maljaars

 

Nadat we in de vorige Spuijes uitgebreid aandacht konden besteden aan de Rooms-Katholieke gemeenschap in Goes, is het deze keer de beurt aan het joodse deel van de Goese bevolking in de negentiende eeuw. Een kleine en in de geschiedschrijving van de Bevelanden een vrijwel vergeten groep. Jan Kouwen verdiepte zich in het wel en wee van deze bevolkingsgroep die in Goes enige tijd de beschikking had over een eigen school en een synagoge.

Voor het volgende artikel gaan we vrijwel naar de andere kant van de wereld. Naar kamp Banjoebiroe, op Java, waar duizenden mensen door de Jappanners gevangen werden gehouden tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een van hen was de uit Goes afkomstige Alexandrine Duvekot. Op het laatst van haar leven heeft zij haar verhaal over die periode verteld aan haar stiefzoon Jack de Vries die de verhalen in een boek heeft uitgewerkt. Als dank voor haar activiteiten in het kamp hebben haar medegevangenen een tafelkleed geborduurd, met taferelen uit het kampleven. Dit kleed wordt deze winter in HMDB tentoongesteld. Hester van Rees beschrijft het kleed en het leven van Lex Duvekot.

Ongeveer een jaar geleden werd de hulp van de Heemkundige Kring gevraagd bij het zoeken naar het paard van Sinterklaas. Hanny Louisse ging op zoek en vond de gevraagde informatie over de schimmel, luisterend naar de naam ‘Bandiet’, tenslotte bij de Sint zelf.

Adri Mackor verdiept zich al lange tijd in de geschiedenis van de stad Reimerswaal. Een bekende kaart van de stad is die van Jacob van Deventer. Mackor geeft een beschijving over de totstandkoming van de kaart en gaat in dit artikel na hoe betrouwbaar die is.

In dit nummer ook het laatste artikel van onze vorig jaar overleden redactievoorzitter Otto Hoogerhuis. In deze bijdrage lezen we hoe de aanleg van het tefefoonnet en het gebruik van de nieuwe technologie in Goes plaatsvond. De stad liep bepaald niet voorop in deze ontwikkeling, ook niet in vergelijking met andere Zeeuwse steden. Pas rond 1920 zou Goes deze achterstand weten weg te werken.

Van Bram Maljaars ontvingen we een artikel over het Wilhelmus. Voor de lezer van nu doen schrijfwijze en inhoud van de tekst soms vreemd aan. Maljaars legt uit waar deze ‘eigenaardigheden’ vandaan komen en stelt de vraag of we daar een probleem van moeten maken.

 

 

Spuije 98 zomer 2016

 

Het voormalige Goese R.-K. kerkhof en de begraven zuil (deel 2) / Hans de Vos

Meestoof De Nijverheid te Kapelle / G.J. Lepoeter

Daar zijn de schutters! Driedimensionale Schutters in het Historisch Museum in Goes / Hester van Rees

Kleurige dracht en dito accessoires / Arend van der Wel

Drie schilderijen met afbeeldingen van Sorgwijck, 1818-1953 buitenplaats van de familie Vader bij Wissenkerke / P.C. van Voorst Vader

Het is verboden bij avond of in het duister zich met enig schietgeweer in de weymoer te begeven … / Adri Haaij

Activiteiten september t/m december 2016

Oorlogsslachtoffers uit Kamperland  / Cees van den Bovenkamp

        

In deze Spuije het tweede deel van het artikel van Hans de Vos over het oude Rooms-Katholieke kerkhof aan de Zuidvlietstraat en de geschiedenis van de katholieke zuil in Goes. Nadat we in de vorige Spuije konden lezen hoe het kerkhof tot stand kwam, komen deze keer de katholieke organisaties in Goes aan bod. De armenzorg, het onderwijs, armen- en ziekenzorg en zelfs een eigen dagblad, alle aspecten van het dagelijks leven kregen een plaats in de katholieke zuil.

Vervolgens vertelt Gerard Lepoeter over de teelt en de verwerking van meekrap. Een gewas dat in Zeeland lange tijd aan velen werk en inkomen verschafte. Rond 1870 kwam daar een abrupt einde aan toen er op chemische wijze kleurstoffen geproduceerd konden worden. Het is daarom opmerkelijk dat in 1871 in Kapelle nog een meestoof werd gebouwd. De geschiedenis van meestoof  De Nijverheid kan dan ook moeilijk een succesverhaal genoemd worden.

Begin jaren vijftig van de vorige eeuw kwam er een einde aan het bestaan van de buitenplaats Sorgwijck nabij Wissenkerke, lange tijd bezit van de familie Vader. Naast herinneringen resten ons ook nog enkele schilderijen van het herenhuis en het omringende bospark. In een bijdrage van P.C. van Voorst Vader worden drie schilderijen van bekende en onbekende schilders besproken.

Jagers moeten in onze tijd aan strenge regels voldoen, maar ook 280 jaar geleden, in 1736, kon men niet zomaar met het geweer de natuur in trekken. Adri Haaij ontdekte bij toeval een resolutie in het Zeeuws Archief die er voor moest zorgen dat er ’s avonds rust zou heersen in de Yerseke Moer. Al was dat niet om het wild te beschermen ...

Zoals in vrijwel alle Bevelandse dorpen vielen er ook in Kamperland burgerslachtoffers in de Tweede Wereldoorlog. Vergeten namen voor velen, maar het blijft van belang om ze te herdenken. In Kamperland heeft men daarom een monument voor hen opgericht dat in 2014 werd onthuld en Cees van den Bovenkamp brengt de omstandigheden waaronder ze overleden in herinnering.

 

Spuije 97 voorjaar 2016

 

De bevrijding van Rilland, oktober 1944 / Henk Aalbers

‘Heel erg mooi, vooral die gemaakte dingen’ / Arend van der Wel

Het voormalige Goese R.-K. kerkhof en de begraven zuil (deel I) / Hans de Vos

Vermogen en nalatenschap van Robbert van Schilperoort te Goes (deel II) / Theo Wajer

Dominee Schmidt: geliefd, gezaghebbend en uitmuntend prediker / Kees van Oosten

En ge komt er vanavond de deur niet meer uit!

        

Zoals in de vorige Spuije al aangekondigd in deze aflevering de brief die Henk Aalbers, dominee in Rilland tijdens de Tweede Wereldoorlog, in 1945 schreef aan familie in het noorden van het land. Het is een boeiend relaas over de bevrijding van Rilland en de winter die er op volgde. Een ooggetuigeverslag dat ons de ellende en de vreugde in die tijd laat meebeleven.

Deze winter zijn er weer enkele bijzondere tentoonstellingen in het Historisch Museum De Bevelanden. Arend van der Wel zorgt voor een introductie.

Daarna het eerste deel van een bijdrage van Hans de Vos over het oude Rooms-Katholieke kerkhof aan de Zuidvlietstraat in Goes en de geschiedenis van de katholieke zuil in Goes. In de tweede helft van de negentiende eeuw ontwikkelde zich de zuilenmaatschappij in Nederland, zoals we die tot ver in de twintigste eeuw hebben gekend. Ook de katholieken zochten en vonden daarin hun eigen plaats. Naast katholieke organisaties en instellingen was er ook behoefte aan een eigen begraafplaats. De totstandkoming, de inrichting en het gebruik van deze, inmiddels gesloten, begraafplaats worden in deze Spuije besproken.

Theo Wajer gaat vervolgens verder met zijn artikel over de afwikkeling van de nalatenschap van Robbert van Schilperoort. Met bezittingen in onder andere Kapelle, Kattendijke, Kloetinge en West Brabant een ingewikkelde zaak die vele jaren in beslag nam.

Vader van een beroemde dochter. Zo kunnen we Johan Daniël Schmidt zeker omschrijven, want vrijwel iedereen heeft wel eens gehoord van Annie M.G. Schmidt. Een gewaardeerde schijfster, maar ook haar vader ondervond veel waardering, al was dat in kleinere kring. Dominee J.D. Schmidt was niet minder dan 36 jaar voorganger van de Hervormde gemeente van Kapelle. Niet alleen een begaafd spreker, maar ook een bekwaam bestuurder. Kees van Oosten verhaalt over leven en werk van deze markante prediker.

 

 

Spuije 96
winter 2015

 

Vliegfeesten te Goes
Johan Boogaard
De huizen van de familie Vader in Wissenkerke op Noord-Beveland
P.C. van Voorst Vader en A.M. Kramer
Een korte geschiedenis van autobusbedrijf De Muijnck te Borssele
M. Mol
Van Westhavendijk naar Smithweg
Marieke Luchtmeijer
Vermogen en nalatenschap van Robbert van Schilperoort te Goes (deel I)
Theo Wajer|
Naamgeving van de kunstwerken in de nieuwe Sloeweg N62
De Bevelanden en het jaar zonder zomer 1816
Otto W. Hoogerhuis †     

Het eerste artikel is een bijdrage van Johan Boogaard over een vliegfeest in Goes. Met de omvang van de tegenwoordige vliegtuigen is het nauwelijks nog voor te stellen, maar in 1911 volstond een weiland in de Wilhelminapolder om een vliegdemonstratie te organiseren. Al waren er wel wat problemen ...

In de negentiende eeuw nam de familie Vader een belangrijke plaats in op Noord-Beveland. Uit deze welgestelde familie waren drie burgemeesters van Wissenkerke afkomstig. Zij, en andere familieleden, bewoonden een aantal fraaie huizen in Wissenkerke. Ook het buiten Sorgwijck hoorde bij hun bezittingen. P.C. van Voorst Vader heeft zich samen met A.M. Kramer verdiept in de geschiedenis van die woningen. In dit artikel worden de huizen en hun bewoners uitgebreid beschreven.

We gaan verder met een bijdrage van M. Mol over busbedrijf AMZ. Oprichter Jan de Muijnck had al snel door dat vervoer met auto en bus de toekomst had en nog vóór 1920 reed zijn eerste taxi.

Vervolgens een interessante bijdrage van Marieke Luchtmeijer over de verhuizing van het depot van HMDB. Een enorme operatie die veel inzet heeft gevergd, maar die er wel toe heeft geleid dat de waardevolle collectie nu schoongemaakt en goed geconserveerd onder optimale omstandigheden bewaard kan worden.

Met Theo Wajer gaan we verder terug in de tijd. Hij vertelt over het beheer van vermogens en nalatenschappen op de achttiende-eeuwse Bevelanden. De familie Van Schilperoort uit Goes dient daarbij als voorbeeld.

In het najaar van 2014 kreeg onze Heemkundige Kring het verzoek om mee te denken over de naamgeving van de viaducten en verkeerspleinen in de nieuwe Sloeweg. Dit verzoek had betrekking op het Bevelandse deel van de N62. De voorgestelde namen zijn: Stelle, Gosvazze, Calishoeck en Drie Klauwen. In dit artikel willen we laten zien waarom we voor deze namen hebben gekozen.

 

Spuije 95
zomer 2015

De bevolking zeer vriendelijk. Een tocht door Zeeland in augustus 1921
J.H. Midavaine
Maria Coomans (1747-1791), een bijzondere vrouw in het achttiende-eeuwse Goes
G.J. Lepoeter
Van walgelijk schouwspel tot wereldkampioenschap
Jan de Jonge
Verre van stoffig
Arend van der Wel
De huizen van de familie Vader in Wissenkerke op Noord-Beveland
P.C. van Voorst Vader en A.M. Kramer
Gawege: zwaarts getroffen bij bevrijding Oost-Zuid-Beveland Cees van den Bovenkamp
De firma Paree en het licht in ’s-Heerenhoek
Kees Rentmeester
Huwelijksperikelen in Wemeldinge, echtscheiding en scheiding van tafel en bed in de achttiende eeuw
Adri Haaij
Boekindruk: Zeeuwen aan de Kaap - Verhalen uit Zuid-Afrika
Otto W. Hoogerhuis

In deze Spuije onder andere een bespreking van het testament van Maria Coomans. Over deze markante persoonlijkheid en haar nalatenschap zijn al een paar publicaties verschenen. Toch vond Gerard Lepoeter nog voldoende nieuwe informatie voor een interessant artikel over haar testament. We krijgen daarbij een mooi inkijkje in het leven van deze welgestelde achttiende-eeuwse vrouw.

J.H. Midavaine schrijft over drie toeristen die in 1921 de Bevelanden bezochten. Met trein, fiets en boot werd de reis afgelegd onder het motto: Reizen is een deel der opvoeding des jonkmans, een deel der ervaring des mans.In Goes verbleven ze in een zeer goed hotel met vlugge bediening: de Korenbeurs.

Jan de Jonge beschrijft de evolutie van het verschijnsel rookwedstrijd. In de beginjaren met recht omschreven als een walgelijk schouwspel, is het later een ‘sport’ geworden waarbij alleen met volle aandacht en concentratie een goed resultaat bereikt kan worden.

Cees van den Bovenkamp sprak met Kees Moerdijk uit Gawege. Moerdijk heeft daarbij verteld over zijn herinneringen aan de bevrijding van het dorp in oktober 1944. Er is zwaar gevochten in die omgeving en in het kleine dorp vielen daarbij releatief veel burgerslachtoffers.