|
de Spuije
Ons tijdschrift de Spuije verschijnt drie keer per jaar. Hieronder vindt u een kort overzicht van de inhoud van enkele recent verschenen nummers.

Spuije 84 winter 2011
In deze Spuije onder andere:
Ochtman en de Ochtmanprijs / Johan Boogaard
Dr. Johannes ab Utrecht Dresselhuis (1789-1861), predikant,
geschiedschrijver, schoolopziener / G.J. Lepoeter
De PDSA ‘Dickin’ Medaille voor een heldhaftige hond / Hans van Dam Wat
een kleine wereld / Kim Sluijter
Slot Oostende, project om oudste stukje Goes naar boven te halen! / Cees
van den Bovenkamp
Buiten-Bevelandse reis naar Essen / Bart Leloux
We beginnen deze Spuije met een bijdrage van Johan Boogaard over
Johannes Jacob Ochtman. Ochtman was een voornaam persoon in het Goese
zakelijke, politieke en maatschappelijke leven eind negentiende en begin
twintigste eeuw. We leren hem onder andere kennen als garancinefabrikant,
koopman, oesterkweker en wethouder van Goes. Kern van het artikel is
echter zijn bemoeienis met de Ambachtsschool in Goes, waarvan hij in
1876 een van de oprichters was. Zijn naam leeft voort in het
Ochtmanfonds bedoeld om aan leerlingen, die door hun gedrag en inzet
daarvoor in aanmerking komen, een prijs uit te reiken aan het eind van
het schooljaar.
In het volgende artikel gaan we iets verder terug in de negentiende
eeuw. G.J. Lepoeter verhaalt over Johannes ab Utrecht Dresselhuis, net
als Ochtman een veelzijdig man. Zijn verdiensten liggen echter op het
terrein van de theologie, het kerkbestuur en de geschiedschrijving. Hij
bracht een groot deel van zijn leven in Wolphaartsdijk door en daar werd
na zijn dood in 1862 een monument voor hem opgericht. De recente
restauratie van het monument is een goede aanleiding om leven en werk
van deze boeiende figuur te belichten.
Niet alleen met monumenten, ook met medailles worden gewaardeerde
personen geëerd. Maar niet alleen mensen, ook dieren kan deze eer te
beurt vallen. Daarover vertelt Hans van Dam in zijn artikel over de door
de The People’s Dispensary for Sick Animals uitgereikte Dickin medaille,
genoemd naar de oprichtster van de PDSA, Maria Dickin. De medaille werd
in de Tweede Wereldoorlog geïntroduceerd voor dieren die een belangrijke
bijdrage geleverd hadden in de oorlog. Een van die dieren was Rifleman
Khan, een hond die in 1944 bij Nieuwdorp een heldhaftige reddingsactie
verrichtte op de slikken tussen Walcheren en Zuid-Beveland.
Ook van het HMDB zijn er deze keer weer twee, zeer uiteenlopende,
bijdragen. Neemt Kim Sluijter ons mee naar de kleine wereld van de
poppenhuizen, met Cees van den Bovenkamp bezoeken we de resten van het
Slot Oostende. Een opmerkelijke bijdrage komt van, waarschijnlijk de
jongste auteur die we ooit in de Spuije hadden, de elfjarige Bart Leloux.
Hij heeft een verslag geschreven over de recente excursie naar het
Karrenmuseum in Essen.

Spuije 83 zomer 2011
In deze Spuije onder andere:
Dokter Willem Hendrik Klos en zijn eerste auto, een Eysink! / Janna
Kloosterman
Een rondblik in Goes in het jaar 1711 / Joost Adriaanse
Het ‘slapende’ kind / Kim Sluijter
De rustverstoorder / W.P. den Toom
De rijke bodem van Oost-Zuid-Beveland / Bas Chamuleau
Parlevinkerspad
Hansweert / Frank de Klerk
In december 1912 werd Willem Hendrik Klos huisarts in Nisse, als
opvolger van Adolphe Geill. Klos, zoon van oesterhandelaar Cornelis Klos
uit Yerseke, zou negen jaar lang zijn praktijk uitoefenen en daarna
vertrekken naar Rotterdam. In het openingsartikel van deze Spuije zijn
leven en werk van deze dokter beschreven door Janna Kloosterman. Maar we
lezen niet alleen over hem: ook over zijn auto, van het Nederlandse merk
Eysink. Een auto die zijn eerste eigenaar vele jaren zou overleven. Want
nu, bijna honderd jaar nadat hij gemaakt werd, is de auto die jarenlang
in bezit was van Garage Louisse in Goes en daarna ook deel uitmaakte van
de collectie van het Historisch Museum De Bevelanden, nog steeds te
bewonderen. Al is het helaas niet meer in Goes. Van 1912 nemen we een
flinke stap terug in de tijd naar het jaar 1711. Op zich geen bijzonder
jaar, maar wel een jaar dat we goed leren kennen als we samen met Joost
Adriaanse gaan rondkijken in Goes. We zien hoe de stad werd bestuurd,
hoe de kerken functioneerden en dat de weduwe van Cornelis Costen bleef
doorgaan met haar onchristelijken en onborgerlijke wandel. Ook zorg en
onderwijs, de zoutnering en de meekrapteelt en vele andere onderwerpen
komen in dit artikel aan de orde. In het verleden werden in de Spuije
regelmatig bijzondere stukken uit de collectie van het Historisch Museum
besproken. We hebben Kim Sluijter, Junior Conservator van het Museum,
bereid gevonden om deze reeks voort te zetten. In deze Spuije bespreekt
zij een schilderij uit de collectie met een heel andere inhoud dan de
oppervlakkige kijker zou denken.
Met Bas Chamuleau gaan we vervolgens de diepte in als we een kijkje
nemen in de bodem van Oost-Zuid-Beveland. Toen daar een paar jaar
geleden een sleuf werd gegraven om een nieuwe pijpleiding te leggen,
heeft hij van de gelegenheid gebruik gemaakt om onderzoek te doen naar
eventuele sporen uit de tijd dat het gebied nog niet door stormvloeden
onder water was verdwenen. Met soms opmerkelijke resultaten, zoals we
zien in dit artikel, waarin hij de restanten van een dijk beschrijft.
Verder bijdragen over onder andere het Parlevinkerspad en een
rustverstorende tamboer.

Spuije 82 voorjaar 2011
In deze Spuije onder andere:
De crash bij Remijn op 20 maart 1945 bij Nieuwdorp / Hans van Dam
‘Wes vrouwe schelt, sal den steen dragen’ (Deel II) / Arco Willeboordse
Kunstuitleen trekt in bij museum / Willy van Meegen
Jan Hogerwerve, een overmoedig lid van de stedelijke garde in 1796 / W.P.
den Toom
Diaconale zorg op zijn smalst / G.J. Lepoeter
Gemeente Kapelle twijfelt over nut burgerlijke stand (1813) / Frank de
Klerk
Damme, een buitengewone excursie / Bas Chamuleau
Boekindruk: Van Hoogstammen en Land en Heren van Stand / Hugo de Potter
Boekindruk: Zeeland van Nehalennia tot Westerscheldetunnel / Frank de
Klerk
Hoewel de Tweede Wereldoorlog inmiddels meer dan 65 jaar achter ons
ligt worden er nog steeds vondsten gedaan die van belang zijn voor de
regionale geschiedschrijving. Zo werden in de zomer van 2010 een motor
en twee propellers teruggevonden van een op 20 maart 1945 net buiten
Nieuwdorp neergestorte Engelse Lancaster bommenwerper. Voor Hans van Dam
aanleiding om op onderzoek uit te gaan en over de resultaten hiervan een
artikel te schrijven. Aan de hand van gegevens van familieleden van de
omgekomen militairen en ooggetuigenverslagen van mensen uit de omgeving
van Nieuwdorp, worden de gebeurtenissen van die twintigste maart
gereconstrueerd. De uitgebreide inleiding geeft een goed beeld van de
druk waaronder de vliegers in die fase van de oorlog moesten werken.
In de vorige Spuije stond het eerste deel van een artikel over misdaad
en straf in het vijftiende-eeuwse Reimerswaal, door Arco Willeboordse.
In het tweede en laatste deel worden onder andere de procedures, het
strafproces, de strafmaat en de uitvoering van de straf besproken. Tot
slot gaat de auteur in op de verdwijning van deze strafvorm. Halverwege
de negentiende komen we Geertruida Vervenne tegen in Kapelle. Zij
verkeerde in moeilijke omstandigheden en deed daarom een beroep op
diaconale zorg. Zorg waar zij recht op had. Maar, zoals G.J. Lepoeter
ons laat zien, was ook in de negentiende eeuw recht hebben niet
hetzelfde als recht krijgen. De leden van de Kapelse kerkenraad toonden
zich in deze zaak niet bepaald van hun barmhartigste kant. Hogere
kerkelijke en burgerlijke instanties moesten zich ermee bemoeien om deze
zaak tot een goed einde te brengen.
Vijftig jaar eerder had men zich in Kapelle ook al eens verslikt in een
procedurele kwestie. Nadat de burgerlijke stand van 1811 tot en met 1813
was bijgehouden, dacht de gemeente Kapelle dat die nieuwigheid met het
verdwijnen van de Franse overheersing ook wel weer zou verdwijnen. Niets
was echter minder waar en het leidde tot heel wat problemen voordat die
vergissing rechtgezet was, vertelt Frank de Klerk.

Spuije 81 winter 2010
In deze Spuije onder andere:
Bevelandse weesjongens voor Napoleon / J. de Ruiter
‘Wes vrouwe schelt, sal den steen dragen’ (Deel I) / Arco Willeboordse
Bevelands best bewaarde geheim / Cees van den Bovenkamp
Een geheim om door te vertellen / Willy van Meegen
Opening ’t zijn weer lappen, en ze komen uit Kontich, België / Kim
Sluijter
Een fraudezaak nogmaals belicht (Van de Ven) / Janjaap Luijt
Boekindrukken:
Marinus Nathaniël de Broekert / O.W. Hoogerhuis
Bromsnor in Zeeland / Allie Barth
Kadastrale atlas van Zeeland 1832 / Hugo de Potter
Voor het eerste artikel in deze Spuije gaan we terug naar de
Napoleontische tijd. Het Franse leger had voortdurend gebrek aan
manschappen voor de vele oorlogen die gevoerd werden. Soldaten uit
Frankrijk, maar ook uit de vazalstaten, zoals Holland. Er werden
militaire scholen opgericht die weesjongens recruteerden die daar vanuit
het hele land naartoe werden gestuurd. Na de inlijving bij Frankrijk
vormden zij een apart regiment dat zijn opleiding kreeg in Versailles.
Ook uit Zeeland en van de Bevelanden werden enkele tientallen jongens
naar Frankrijk gestuurd. J. de Ruiter vertelt wie ze waren, waar ze
vandaan kwamen en wat er in Frankrijk van hen terecht kwam. Voor het
tweede lange artikel gaan we naar het Reimerswaal van de vijftiende
eeuw. We lezen over misdaad en straf. Over schelden, smaad en
schandstraffen zoals het ‘steendragen’. Dat alles in een sterk
hiërarchische maatschappij, waar grote verschillen waren tussen mannen
en vrouwen. Een onderscheid dat ook te zien is in de aard van de
misdrijven waar vrouwen voor werden vervolgd en de straffen die ze
kregen. Veel aandacht deze keer voor het Historisch Museum De Bevelanden.
Niet zonder reden, want het is dit jaar 150 jaar geleden dat het werd
opgericht. Aanleiding genoeg voor een tentoonstelling met minder bekende
schatten uit het rijke depot van het museum. Het is jammer dat in dit
feestelijke jaar het museum vaker in het nieuws komt door de financiële
bedreigingen, dan door een terugblik op het rijke verleden. Een
succesvol jaar ook, zoals blijkt uit de vele duizenden bezoekers uit
binnen- en buitenland die de recente tentoonstelling van merklappen
trok. In Spuije 78 schreef W.P. den Toom over de Goese zilversmid G.G.
van de Ven. Dit was aanleiding voor Janjaap Luijt om ons een
uitgebreider artikel te sturen over de Goese zilversmeden in het
algemeen en Van de Ven in het bijzonder. Een boeiende bijdrage over een
onderwerp waaraan we tot nu toe nauwelijks aandacht konden besteden.

Spuije 80 zomer 2010
In deze Spuije onder andere:
Klein leed in de Grote Oorlog / A.J. Barth
Nicolaas van der Vesten, deken van het kapittel in de kerk van Kapelle /
G.J. Lepoeter
Nel van Leijen: Merklappen blijven me altijd trekken! / Cees van den
Bovenkamp
Kleine ongevallen en gebeurtenissen uit het dagelijks leven in de
achttiende eeuw / W.P. den Toom
De Bevelanden en de landbouwkoloniën / Will Schackmann
Reacties van lezers
Kanaalkunst
Opening van de Napoleonroute in ’s-Heer Hendrikskinderen
Dit nummer van de Spuije begint met een bijdrage over een vergeten
stukje oorlogsgeschiedenis. Niet uit de Tweede Wereldoorlog, maar uit de
Eerste. Over deze oorlog en de gevolgen daarvan, voor Zeeland in
algemeen en de Bevelanden in het bijzonder, is tot nu toe betrekkelijk
weinig geschreven. Met de herdenking, in 2014, van het uitbreken van de
oorlog in zicht, hopen we er de komende jaren in de Spuije meer aandacht
aan te kunnen schenken. Met het artikel Klein leed in de Grote Oorlog,
door A.J. Barth, maken we daar een begin mee. Het artikel gaat over de
militairen en zeelieden die levenloos aanspoelden op de Bevelandse
kusten. In dit geval vooral op Noord-Beveland. De meesten van hen zijn
naamloos gebleven, maar van enkelen is wel bekend wie ze waren en hoe om
het leven kwamen. Met een grote stap terug in de tijd komen we daarna in
het zestiende-eeuwse Kapelle terecht. Daar moest in 1562 een nieuwe
deken van het kapittel van de kerk worden benoemd. G.J. Lepoeter
analyseert een notariële akte waarin de benoeming van Nicolaas van der
Vesten werd vastgelegd.
Vervolgens gaan we naar Drenthe waar begin negentiende eeuw enkele
landbouwkoloniën werden gesticht. In december 2009 hield Will Schackmann,
auteur van het boek De proefkolonie, een goed bezochte lezing in de
Openbare Bibliotheek in Goes. Naar aanleiding daarvan heeft hij een
artikel geschreven voor de Spuije, waarin hij vertelt over enkele
Bevelandse families die naar Drenthe trokken. Ze verlieten Zeeland in de
hoop op het nieuw ontgonnen land een beter leven te vinden. Soms lukte
dat, maar het vergde de nodige inspanning en lang niet iedereen kon een
succesvol bestaan opbouwen.
Verder is er aandacht voor de opening van een wandelpad in ’s-Heer
Hendrikskinderen: de Napoleonroute en voor een kunstmanifestatie in het
Goese havengebied.
|